Dragen en Hechting

 

Je hebt al op de site kunnen lezen waarom dragen voor ons als mens eigenlijk heel natuurlijk is. Het zit in ons DNA, omdat we nou eenmaal tot de groep ‘Dragers’ behoren.

Maar wat zijn nou de positieve effecten op je baby en de hechting als je draagt?

Elke baby word geboren met bepaalde reflexen. Deze worden door de verloskundige getest zodra je kindje geboren is. Deze reflexen worden aangestuurd vanuit de hersenstam, en zorgen ervoor dat de baby zich kan hechten aan de omgeving. Hechten is naast voeding, bescherming en verschoning, een van de eerste behoeftes van een baby, en gelukkig hebben we daar steeds meer oog voor.

Ongelofelijk

Een baby word geboren met ongeveer 25% van de totale hersencapaciteit. Dit is een kwart van wat ze na een jaar of twee hebben ontwikkeld!
In de eerste twee jaar van je kindje neemt de herseninhoud dus met 75% toe 🧠🤯.
Na die eerste twee jaar blijft de hersenontwikkeling toenemen en verfijnen (ja echt 😉), maar de eerste grote stappen worden dus gezet in de eerste twee jaar.

Dit gaat gedeeltelijk vanzelf, maar het is al langere tijd duidelijk dat positieve stimulans helpt bij het ontwikkelen van de hersenen. Bij die positieve stimulans kun je denken aan: 
Beweging, Aanraking, Responsief reageren op signalen van de baby, Voeden op verzoek, en last but not least: Hechting.
Ik ga in dit verhaal voornamelijk in op de Hechting, omdat de andere punten daarmee vanzelf afgevinkt worden.

0-3 maanden

Een baby hecht zich in eerste instantie aan iedereen die in de buurt van de baby leeft. Door bijvoorbeeld het vastpakken van een vinger, of het lachen naar iemand die contact maakt met de baby. De reflex van de baby is ‘houd van mij, ik kan niet voor mezelf zorgen als mijn ouders er niet zijn’, niet wetende dat hij twee ouders heeft die voor hem zorgen en in een westerse wereld geboren is waar alles goed geregeld is.
Dit is de ‘niet-selectieve’ hechting, aangedreven door reflexen.

In de eerste drie maanden reageert de baby voornamelijk vanuit die reflexen. Wat voel ik, wat gaat er gebeuren, wie zorgt er voor mij, wie ben ik eigenlijk!? De baby heeft een verzorger nodig die hem helpt de prikkels te verwerken.

Vanaf 12 weken

Vanaf 12 weken ga je merken dat de baby zicht gaat hechten aan de personen die het meest responsief met hem omgaan. De ‘reactieve hechting’ neemt het over van de reflexmatige hechting. Als ouder merk je dit ook, en dit zorgt er dan weer voor dat het de band tussen ouder en kind versterkt. De baby observeert alles om zich heen, en heeft behoefte aan herhaling en voorspelbaarheid. Vanuit een draagdoek kan je baby meekijken met alles wat je doet en meemaakt, en ontspannen leren wat het dagelijkse ritme is.

5 a 6 maanden

Rond de vijf a zes maanden maakt de baby het kringetje van personen waaraan hij zich hecht weer iets kleiner. Alleen als je vaak en actief met de baby ‘speelt’ en contact maakt, word de band nog hechter. Af en toe even aanwezig zijn is niet meer voldoende.
Toch wil de baby in deze fase meer van de wereld zien. Een arm uit de doek, om zich heen willen kijken, misschien zelfs onrustig worden bij het proberen te knopen van de doek. Dit is geen teken dat je kindje niet meer gedragen wil worden.
De wereld mag namelijk wel wat groter worden, dus kun je kijken naar het heup of rugdragen. Misschien is dat de oplossing waar zowel jij als je kindje blij van worden. Want hoewel de interesse gewekt is voor meer van de omgeving, is het nabije contact en geborgenheid nog wel belangrijk voor je kindje.

7 a 8 maanden

Welkom eenkennigheid. Voor veel ouders een moeizame periode. Overal waar je je kleintje eventjes achter wil laten start er een huilbui waardoor je moedergevoel zowat ontploft. Om moedeloos van te worden 😉.
De baby begrijpt namelijk ineens dat jij na je vertrek nog wel bestaat, maar dat je niet bereikbaar bent. Het hele feit dat jij straks weer terugkomt is totaal onbegrijpelijk, en dus: ALARM! 
Uiteraard kun je niet aldoor je kindje overal mee naartoe nemen, maar voor die momenten waarop het wel kan is de draagdoek een uitkomst.

8 a 9 maanden en daarna

De kritieke fase van de hechting word rond deze leeftijd afgesloten. Uiteraard blijft de hechting nog toenemen de komende tijd, en ook de behoefte aan het ‘gedragen worden’ blijft aanwezig. Je kindje handelt in deze fase niet meer zozeer uit reflex, maar krijgt door dat het handelen effect heeft op zijn eigen en op een ander zijn leven. Dit is soms best overweldigend, en dan zullen ze toch de veilige nabijheid van de ouder weer willen voelen. 
Je kindje leert op die manier van de sociale contacten die je legt met de buitenwereld, en geniet ondertussen van het contact dat hij heeft met jou, veilig in de draagdoek.

 

In bovenstaande tekst heb ik geprobeerd uit te leggen waarom hechten en dragen met elkaar in verband staan. In deze uitleg ben ik uitgegaan van gezonde baby’s (en ouders), in een zo ideaal mogelijke situatie. Uiteraard is hechting afhankelijk van meerdere factoren, maar dit is veel te ingewikkeld om in een korte samenvatting neer te zetten.